Juffrouw Mirandolle
Een portret van Georgine Mirandolle (1873–1974), mecenas, weldoenster en levenslange vriendin van Jacqueline Royaards-Sandberg.
Twee meisjes liepen arm in arm door de Wilhelminastraat in Haarlem. De oudste was zestien, de jongste een paar jaar minder, en kon haar bijna niet bijhouden. Jaren later zou de oudste van de twee, Jacqueline Royaards-Sandberg, zich dat beeld nog scherp herinneren. De jongste was Georgine Mirandolle. Hun vriendschap zou meer dan tachtig jaar duren.
Georgine Louise Charlotte Antoinette Mirandolle werd geboren op 12 augustus 1873 in Amsterdam, dochter van Willem Abraham Mirandolle en Maria Amalia Dorrepaal. Haar rijkdom kwam niet uit oude adel, maar uit Indisch en West-Indisch kapitaal. Haar grootvader van moederszijde, Georgius Leonardus Dorrepaal, was bankier en plantage-eigenaar in Nederlands-Indië en gold als model voor de figuur van Droogstoppel in Multatuli’s Max Havelaar. Naast het fortuin liet hij ook een gevoel van plicht achter. Dat zou bij Georgine, haar leven lang, blijven terugkeren.
Jacqueline schrijft over haar vriendin met een warmte die niet sleet. “Telkens ontmoetten Georgine Mirandolle en ik elkaar weer en was er de oude vertrouwelijkheid,” noteert ze in haar memoires. En elders: “Zij heeft alles met ons meegemaakt, alle stukken gezien die mijn man ten tonele bracht, al ons lief en leed gedeeld en in moeilijkheden altijd geholpen.”
’s Winters zaten de twee vriendinnen bij Georgine in de tuin, bij een open haard. Georgine las haar sprookjes van Andersen voor. Jacqueline luisterde. Samen, schreef ze, beslaan we bijna tweehonderd jaar.
In Eersel, op landgoed De Hooge Hees, liet Georgine in 1918 een buitenhuis bouwen in Larense stijl. Ze verbleef er in twee periodes, van 1920 tot 1924 en van 1936 tot 1938. Ze kocht er grote stukken heide, regelde de verdeling van de communale heidegrond onder de boeren, gaf de gemeente een renteloos voorschot voor de elektriciteitsaanleg en schonk het oude dokterswoonhuis aan de kerk als pastorie. In 1939 gaf ze ruim vijftien hectare aan Natuurmonumenten. Het heet er nog altijd Mirandolles Heike.
Op de Hees was ze een verschijning: klein van gestalte, statig, altijd met een lorgnette. Alleen haar intieme vrienden mochten haar bij haar voornaam noemen. Er kwamen geregeld gasten uit de toneelwereld, Albert van Dalsum, Rika Hopper, en Jacqueline, die er volgens getuigen van die tijd meerdere keren logeerde. Wandelen deed Georgine nooit alleen. Altijd met vriendinnen, en met twee grote honden.
Makkelijk in de omgang was ze niet. Een brief, geschreven om twee uur ‘s nachts, moest meteen naar de post. De houtblokken voor de kachel moesten precies de juiste maat hebben. Toen haar huisknecht Schriever haar ooit voorlas dat er fl. 10.000 was bijgeschreven op haar rekening, was haar enige commentaar: “Wat weinig deze keer.”
Georgine was ook mecenas, in de brede zin van het woord. Ze verstrekte beurzen aan jonge kunstenaars en bemiddelde bij opdrachten. Bij Saar Bakhuizen van den Brink vroeg ze de schilderes Coba Ritsema om Jacquelines portret te schilderen. Het werd, schrijft Jacqueline, zo goed dat Georgine het zelf bijna niet kon geloven.
Ze was ook medeoprichter, met haar broer Ludovicus en met Willem Royaards zelf, van de NV Dr. Willem Royaards Schouwburg, opgericht in 1924 met een kapitaal van één miljoen gulden. Het plan: een nieuwe schouwburg achter het Concertgebouw, ontworpen door Dirk Frederik Slothouwer samen met de Weense architect Oskar Strnad. De opdracht aan de architecten ging in 1926 de deur uit. Gebouwd is er niets. Willem Royaards stierf in 1929, en de NV werd in 1930 geliquideerd.
Toen Georgine haar eigen huis aan de Herengracht 476 in Amsterdam liet restaureren, was het Kees Royaards, Jacquelines jongste zoon, die de opdracht kreeg. “De gevel van ‘t huis van Mej. Mirandolle op de Heerengracht, door Kees gerestaureerd,” schreef Jacqueline er in december 1944 over, midden in de oorlog. Het pand geldt nog altijd als een van de fraaiste grachtenpanden van Amsterdam.
Mogelijk ging er aan deze opdracht een eerdere vooraf. Het Rijksmonumentenregister noemt de Amsterdamse zakenman Carl Hülsmann als opdrachtgever van Kees’ allereerste villa, aan de Apollolaan, in 1926. Jacqueline noemt in haar memoires echter Georgines broer Ludovicus als opdrachtgever van diezelfde eerste villa. Beide bronnen kunnen waar zijn als Mirandolle de opdracht aandroeg of financierde, terwijl de bouwvergunning op Hülsmanns naam stond. Vastgesteld is dat niet.
Zie ook het verhaal over C.W. Royaards, de architect.
Georgine koesterde de overtuiging dat haar familie afstamde van Scipione Pico della Mirandola, een vijftiende-eeuwse Italiaanse condottiere. Bewijs daarvoor is nooit gevonden. Haar neef Enno Boeke ontzenuwde de pretentie in 1958, vriendelijk maar ondubbelzinnig: de Italiaanse connectie berustte, schreef hij haar, op niets meer dan een hoogst onwaarschijnlijke hypothese. Georgine gaf het niet op. In 1960 stuurde ze een jongere neef naar de archieven in Montpellier. Ook hij vond niets. Annie Biezen, die de geschiedenis van de familie Mirandolle onderzocht, vermeldde in 2026 dat de afstamming via de vrouwelijke lijn wél zou zijn vastgesteld. Onafhankelijk bronmateriaal daarvoor heb ik nog niet gevonden.
In 1953 schonk Georgine haar huis aan de Herengracht aan de Vereniging Hendrick de Keyser, op voorwaarde dat ze er levenslang mocht blijven wonen. Pas op 98-jarige leeftijd verliet ze het pand. Op haar honderdste verjaardag keerde ze nog één keer terug, voor een foto. Daarna nodigde ze familie en vrienden op de thee, terwijl ze zelf boven in bed lag, de radio aan, klassieke muziek. Iedereen mocht een paar minuten naar boven komen om afscheid te nemen. “Hierna ga ik dood,” zei ze. En dat deed ze.
Georgine Mirandolle overleed op 14 maart 1974 in Haarlem, honderd jaar oud.
De vriendschap reikte tot in de volgende generatie. Als kind bezocht Willem Royaards, kleinzoon van Jacqueline, juffrouw Mirandolle nog in Baarn, samen met zijn jongere broer. Er zijn foto’s van die bezoeken, ergens rond 1969 of 1970. Georgine was toen al over de negentig.
Zie ook het verhaal over Jacqueline Royaards-Sandberg, Georgines levenslange vriendin.
Bronnen: Winfried Thijssen, ‘Een rijke Amsterdamsche dame in Eersel’, De Rosdoek nr. 129, maart 2009. Annie Biezen, ‘Een “freule” op de Hees’, De Rosdoek nr. 161-162, 2017. Jacqueline Royaards-Sandberg, Herinneringen en Ik heb je zoveel te vertellen. Het Nieuwe Instituut Rotterdam, collectieportaal.